Onderhoud en winter

Kraan, slang en pompje: genoeg druk om te sproeien

Houten vaatje met metalen aftapkraan en handgeschilderde tekst tegen een muur
Foto: Dietmar Rabich — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Hoeveel druk krijgt u uit hoogte

De druk uit een regenton komt volledig uit het hoogteverschil tussen het wateroppervlak en het punt waar het eruit komt. Tien meter waterkolom staat gelijk aan ongeveer één bar; een ton die veertig centimeter hoog staat, levert dus nog geen halve tiende bar.

Dat is genoeg om een gieter te vullen en om via een korte slang een border te bewateren, maar veel te weinig voor een sproeier of een broeskop. Een tuinslang op de kraan geeft bovendien wrijvingsverlies: hoe langer en dunner de slang, hoe minder er uitkomt.

De conclusie is simpel: hoogte helpt merkbaar voor het gemak, maar maakt van een regenton geen waterleiding.

Wanneer een pompje loont

Zodra u wilt sproeien, een druppelsysteem wilt voeden of water naar een hoger gelegen deel van de tuin wilt brengen, is een dompelpompje de oplossing. Voor tuingebruik volstaat een klein model; let bij de aanschaf op de opvoerhoogte in meters en op de maximale doorlaat van vaste deeltjes.

Drie praktische punten. Hang de pomp niet op de bodem maar tien centimeter erboven, anders zuigt hij het slib op. Gebruik een stopcontact met aardlekschakelaar, want dit is elektra in de tuin bij water. En haal de pomp er in het najaar uit — het is precies zo'n onderdeel dat een winter in het ijs niet overleeft.

Er bestaan ook regentonpompen die u aan de rand hangt met een drukschakelaar, zodat er water komt zodra u de slangkraan opendraait. Comfortabel, maar aanmerkelijk duurder.

De kraan: het onderdeel dat het eerst sneuvelt

De meegeleverde kraan van een goedkope ton is vaak dun spuitgietwerk. Die scheurt na een winter, of gaat lekken doordat de schroefdraad uitslijt van het draaien. Een messing kraan of een degelijke kunststof kogelkraan kost een paar tientjes en gaat jaren mee.

Bij vervangen let u op twee maten: de diameter van de doorvoer in de wand, meestal een halve of driekwart inch, en de wanddikte, want daar moet de rubberring op sluiten. Draai handvast aan met twee ringen — één binnen, één buiten — en gebruik geen tang, want de wand vervormt.

Zet er meteen een slangkoppeling op als u van plan bent een slang te gebruiken. Een kraan met kraanstuk erop laat u de slang aan- en afkoppelen zonder de ton te legen.

Een tweede aftappunt

Handig, en bijna niemand doet het: een tweede doorvoer laag bij de bodem, met een aparte kraan. Die gebruikt u niet om te tappen maar om de ton leeg te laten lopen en het bezinksel eruit te spoelen, zonder dat u de hele ton hoeft te kantelen.

Bij de najaarsbeurt scheelt dat een halfuur ploeteren. Zet er een korte slang op die u naar een border leidt, zet hem open en laat hem lopen terwijl u iets anders doet.

Veelgestelde vragen

Hoeveel bar geeft een regenton?
Vrijwel niets: veertig centimeter hoogte is ongeveer 0,04 bar. Genoeg voor een gieter, te weinig voor een sproeier.
Welke pomp heb ik nodig voor een regenton?
Een kleine dompelpomp met voldoende opvoerhoogte voor uw tuin. Hang hem boven het slib en haal hem er 's winters uit.
Waarom lekt mijn regentonkraan?
Meestal is de rubberring verhard of is de schroefdraad uitgesleten. Beide zijn op te lossen door de kraan te vervangen door een messing exemplaar.

Lees ook